Natuurlijke gifstoffen:  Fumonisine

Fumonisine is een mycotoxine dat voornamelijk wordt geproduceerd door Fusarium moniliforme (F.verticilloides), F. proliferatum en enkele andere soorten Fusariumschimmels die zowel tijdens de groei van landbouwgewassen als tijdens de opslag kunnen groeien.

Fumonisine worden wereldwijd aangetroffen op maïs. In Noordwest Europa verbouwde mais heeft in de regel weinig of geen besmetting met Fumonisine. Momenteel zijn een 10-tal type fumonisine toxinen bekend en gekarakteriseerd. Van deze zijn fumonisine B1 (FB1), FB2 en FB3 de meest geproduceerde soorten. Het meest komt FB1 voor.

Toxicologie

Bij landbouwhuisdieren die aan fumonisine worden blootgesteld worden diverse klinische verschijnselen waargenomen. Het paard is het meest gevoelig dier voor fumonisine en ‘equineleukoencephalomalacia’ (ELEM) wordt het meest bij paarden waargenomen. Bij ELEM ontstaan gaten in de hersenen. Bij varkens, die aan fumonisine worden blootgesteld, ontstaat longoedeem.

Dierexperimenteel onderzoek heeft aangetoond dat ook schade aan de lever optreedt als gevolg van blootstelling. In de nieren wordt celdood en laesies waargenomen. Chronische blootstelling van proefdieren resulteert tenslotte in kanker (leverkanker). Dit is alleen bij hoge doses waargenomen.

De ‘lowest observed effect level’ voor ratten is vastgesteld op 0,19 mg fumonisine per kg lichaamsgewicht.

Blootstelling aan fumonisine

Het voorkomen van fumonisine in maïs wordt beïnvloed door onder andere de temperatuur tijdens de groei van maïs, vochtigheid, droogtestress, en regenval tijdens de oogst.

Onderzoek naar het voorkomen van fumonisine in Chinees graan toonde aan dat in rijst geen fumonisine voorkomt. Wel kon fumonisine in maïs worden aangetoond. In positieve monsters werd gemiddeld 680 μg fumonisine per kg product aangetroffen. Al deze monsters bevatten ook het fumonisine B1 (gemiddeld 420 μg per kg product). Ter vergelijking: maïs geïmporteerd uit Frankrijk en bestemd voor humaan gebruik bevat ongeveer gelijke hoeveelheden fumonisine B1.

Het gehalte aan fumonisine in maïsmeel wordt in sterke mate bepaald door of een droogmaal- of natmaalprocedé wordt toegepast. Fumonisine is geconcentreerd in de kiem van de maïs en in het omhulsel. Omdat fumonisine water oplosbaar is kan bij het natmalen fumonisine grotendeels worden verwijderd

Regelgeving

Voor de mens is de ‘tolerable daily intake’(TDI) vastgesteld op 0,5 μg per kg lichaamsgewicht.
EU wetgeving normen mycotoxinen:
http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32006H0576&from=EN

Formules en varianten

C34H59NO15

Cas-nummer: 116355-83-0

Structuurformules

Synoniemen

  • Macrofusine
  • Fungal metabolite from fusarium
  • Monoliforme
  • 1,2,3-propanetricarboxylic acid
  • 1,1'-[12-amino-4,9,11-trihydroxy-2-methyltridecyl)-2-(1-methylpentyl)-1,2-ethanediyl]ester
Laatst gewijzigd: 20/10/2015
Koch - Eurolab
Postbus 21
7400 AA DEVENTER
0570-502010
info@eurolab.nl
Sitemap
Bookmark deze pagina
© Copyright 1997-2016, Koch - Eurolab